In gesprek met... Sofie, mama van Maud, Riet en de tweeling Pepijn en Kamiel

‘Opvoeden is geen (wed)strijd’ is dit jaar het thema van de Week van Opvoeding. Sofie Eerlings kan zich als mama van 4 helemaal vinden in de oproep om wat milder te zijn. Voor jezelf, voor je kinderen en voor de ouders om je heen.

Sofie is projectmedewerker bij EXPOO. Vorming, opvoedingsondersteuning, ouders van jongeren, nieuwe autoriteit en online dienstverlening zijn de kernthema's in haar job. Ze is mama van Maud (5,5), Riet (3,5) en tweeling Kamiel en Pepijn (1) en partner van Frederik. 

Bij een tweeling zie je 2 kinderen gelijktijdig opgroeien. Vergelijk je zelf of doen mensen uit jullie omgeving dat wel eens? 

Sofie: “In het begin leken Kamiel en Pepijn fysiek heel erg op elkaar en ze gedroegen zich ook gelijkaardig. Toch werd heel snel duidelijk dat ze elk hun eigenheid en karakter hebben. Als je hen 10 minuten observeert, hoef je al niet meer te vragen wie wie is (lacht). Kamiel is levendig, een echte ontdekker. Hij zit nooit stil en is van niets bang. Pepijn is zijn tegenpool: een echte knuffelbeer die het liefst van al op onze schoot zit en alles observeert. De interactie tussen hen beiden is ook geweldig. Ze zijn nu iets ouder dan 1 jaar, en willen steeds vaker dezelfde dingen op hetzelfde moment. Dat betekent dus ook: ruzie maken voor een stuk speelgoed, aan de haren trekken, alles erop en eraan. Dat belooft voor later!
Ik vergelijk niet echt tussen hen twee. Ik kijk wel eens terug naar hoe de meisjes op die leeftijd waren. En dan vind ik de strijd om mijn aandacht het moeilijkste bij de tweeling. Toen ik zwanger was van Kamiel en Pepijn vroeg ik me al af hoe je je aandacht gelijk kan verdelen. En toegegeven, het blijft elke dag een uitdaging. Mijn hart breekt als ik er eentje moet teleurstellen om de andere te voeden of te troosten. Je wil geen van beide tekort doen. Ze laten heel goed merken als ze de aandacht niet willen delen”.  

Voor Maud en Riet is er wellicht ook veel veranderd. Voeren zij weleens strijd voor jullie aandacht? 

Sofie: “Riet, de jongste, had het daar heel moeilijk mee in het begin. Ze was 2,5 bij de geboorte van Kamiel en Pepijn en ging net haar eerste dag naar school. Veel veranderingen voor haar en vooral veel leren wachten. Wachten tot mama klaar is met voeden, wachten tot mama klaar is met de broertjes in bed te leggen, te verversen... Nu is ze al een echte kleuter en is de tweeling ook minder afhankelijk, en is dat makkelijker geworden. De oudsten hebben mij ook niet meer constant nodig. De meisjes zijn echt helden voor de tweeling. Voor Riet zijn ze levende poppen, Maud is een mamaatje die mij kopieert. Zij zijn echt een goed duo (glimlacht). We vinden stilaan allemaal onze plek. Het is bijvoorbeeld makkelijker om eens op stap te gaan. Elke leeftijd zal wel zijn uitdagingen en dynamiek hebben, maar nu is de strijd even gaan liggen. Ik ben echt een gelukzak dat mijn man zo zorgzaam is voor mij, en dat de kinderen zo zorgzaam zijn voor mekaar. Dat is echt fijn om naar te ervaren.”

Ik relativeer veel meer dan vroeger.

Er is onvermijdelijk al eens een conflict. Hoe blijf je dan uit de machtsstrijd? 

Sofie: “Dat hangt af van de situatie. Maud is een moeilijker eter. Elke maaltijd was een strijd. We hebben alles geprobeerd: zelf eten laten kiezen, apart koken, zelf laten opscheppen, boos worden … We wilden elk ons gelijk halen. Nu laten we het los. De eetmomenten zijn daardoor veel aangenamer, ook al zijn er nu dagen dat Maud niet eet. Ze moet wel altijd aan tafel blijven zitten. En op ontbijtgranen is ze gek, maar zolang ze tijdens het avondmaal niet beter begint te eten, mag ze de granen ’s ochtends maar om de 3 dagen. De andere kinderen eten wel zonder veel problemen hun bord leeg, we zijn dus wel gerust dat het niet aan onze kookkunsten ligt (glimlacht).
Voor de kleine dagelijkse conflictjes weten onze kinderen trouwens dat Frederik en ik op dezelfde lijn zitten en dat ze dus geen verhaal kunnen halen tegen ons. De oudsten begrijpen goed wat wel en niet mag, en zeggen dat door aan de tweeling, lekker gemakkelijk.”

De Week van de Opvoeding zet ook in de verf: elke dag is een nieuwe kans. Opvoeden doe je met vallen en opstaan, je probeert en doet je best. Herken je dat? 

Sofie: “Door mijn job hoor ik veel over moeilijke opvoedingssituaties en relativeer ik meer. Zo mag ik echt gelukkig zijn dat onze oudste ‘maar’ een moeilijke eter is. Ik doe echt mijn best als ouder en vind het ook heel fijn als ik erkenning krijg van de kinderen, met een dikke knuffel en een dikke zoen.

Sinds ik zelf ouder ben, ben ik veel milder geworden. Ik kon vroeger echt veel drama maken over kleine dingen. Ik zeg regelmatig tegen vriendinnen, die het zoals iedereen wel eens moeilijk hebben met hun ouderschap: ‘Je doet je best, en meer wordt er van jou niet verwacht.’ Als je kind gezond en gelukkig is, moet je als ouder wat chill proberen te zijn vind ik.” 

Hoe combineer je een druk gezin met een fulltime job? Wat vind je lastig? 

Sofie: “Toen ik terug wou beginnen werken, stonden wij nog 14 tot 18 keer per nacht op. Frederik zag dat helemaal niet zitten, maar ik had het echt nodig om terug te kunnen werken. Hij heeft meer nood aan wat extra tijd voor zichzelf en kan ons gezin moeilijk combineren met fulltime werken. Frederik heeft daarom besloten wat minder te gaan werken. Ik kan door het verlofstelsel en door ouderschapsverlof te nemen elke vakantie thuis zijn. Ik heb een heel leuk team en de luxe regelmatig thuis te kunnen werken. Als het een dag moeilijk gaat om in Brussel te raken, is videochat voor hen geen probleem. En als ik eens op vrijdag thuis werk, ben ik de held van de dag als ik aan de schoolpoort sta!” 

Deel je veel met je collega’s? Ook de mindere momenten naast het werk?

Sofie: “We hebben echt een heel fijn team. Op maandag hebben wij altijd teamoverleg met een check-in: hoe was je weekend, hoe voel je je vandaag? Dan kan het na een druk weekend met zieke kinderen of slechte nachten zo’n deugd doen om even ‘Sofie’ te zijn en te kunnen ventileren. Dat maakt dat je positief aan de werkweek kan beginnen. Maar even graag deel ik natuurlijk de leuke momenten uit mijn gezin.”

De post-its gemaakt voor de Week van de Opvoeding dienen om aan je omgeving te vragen 'hoe gaat het nu echt met jou', of om iemand te bedanken. Wie steunt jou bij het opvoeden en wil jij graag een post-it geven? 

Sofie: “Frederik, mijn man, verdient er massa’s! Ik wou altijd al een tweeling en ik wou ook graag vier kinderen. Voor mijn man was het na twee ook wel best ok. Ik had hem beloofd dat ik bij een derde kind de eerste 6 maanden alle nachten zou opstaan en zoveel mogelijk alles op mij ging nemen. Toen we hoorden dat er een tweeling op komst was, wist ik snel dat ik die belofte niet zou kunnen waarmaken. Frederik heeft de hele zwangerschap tijd nodig gehad om aan het idee te wennen. We zijn nu een fantastisch ouderteam, ik kan echt op hem rekenen. Het vraagt wel wat van ons als koppel, maar stilaan komt er weer meer tijd voor het relationele en kunnen we eens een avondje samen op stap.
Ook mijn schoonouders verdienen een post-it en een dikke dankjewel. Zij springen altijd in. Zij doen sowieso de opvang van de kinderen op dinsdag en woensdag, en ook als de kinderen ziek zijn. Zij hadden er ook niet op gerekend dat er nog een derde, laat staan tegelijkertijd een vierde kleinkind zou bijkomen, maar ze doen het nog altijd met evenveel plezier. 
In onze vriendenkring kunnen we ook op veel mensen rekenen. Veel mensen willen helpen, en dat moet je gewoon toelaten. Je moet niet altijd alles zelf willen oplossen. Op woensdag en zondag komt de peter van de tweeling bijvoorbeeld altijd helpen bij het badmoment, dat ervaren we echt als zalige hulp!”

WvdO 2020
WvdO 2020
WvdO 2020